Totale knie prothese

Diagnose

Eenmaal het kniegewricht zijn beschermende laag kraakbeen verliest, spreekt men van artrose. Het wrijven van bot tegen bot (i.p.v. kraakbeen tegen kraakbeen) zorgt voor pijn, verstijving en een zwelling in het heupgewricht. Gewoonlijk voel je pijn aan de binnen- of buitenzijde van de knie. Op een RX of Röntgen opname kan je het verlies aan kraakbeen duidelijk zien. Het gewricht gaat proberen het kraakbeen verlies te compenseren door osteophyten of botuitsteeksels te vormen aan de rand van het gewricht. Op termijn lijdt dit tot verstijving van de knie.

Het verlies van kraakbeen heeft vele oorzaken en de meest voorname is het natuurlijk afslijten of de eenvoudige osteoartrose. De andere voornaamste oorzaken zijn reumatoïde artritis, avasculaire necrose en een voorgaand trauma zoals een breuk rond de knie.

Osteoartrose

is een degeneratieve aandoening die alle gewrichten in het lichaam kan aantasten. Door veelvuldig gebruik verzwakt het kraakbeen en brokkelt het langzaam af. Uiteindelijk vernauwt en verstijft het gewricht en zorgt elke beweging voor pijn.

Reumatoïde artritis

is een inflammatoire aandoening (ontstekingsreuma) die het kraakbeen en gewrichtskapsel van een gewricht verweekt en zorgt voor langdurige ontstekingen. Uiteindelijk word het kraakbeen en de omliggende weefsels vernietigd.

Osteonecrose of avasculaire necrose

is een aandoening waarbij het bot in de femurkop afsterft. Het leidt tot het in elkaar zakken van grote delen bot die het kraakbeen ondersteunen wat dan zelf weer evolueert naar snelle artrose van het heupgewricht. De voornaamste oorzaken van deze necrose zijn; een heupfractuur, heup ontwrichting, langdurig corticosteroïden gebruik en alcohol misbruik.

knee_osteoarth_intro01
knee_osteoarth_anatomy02

Anatomie van de knie

normale knie

In de gezonde knie zijn de gewrichtsoppervlakken glad en beschermd door kraakbeen. Hierdoor kunnen de gewrichtsoppervlakken gemakkelijk over elkaar glijden. Daarnaast wordt de knie ook beschermd door spieren, gewrichtsbanden en een kapsel.

Reumatoïde artritis

In de zieke knie worden de gewrichtsoppervlakken ruw en zal het kraakbeen slijtage beginnen vertonen. Na verloop van tijd worden de bewegingen pijnlijk. De slijtage zal verder gaan en aanleiding geven tot ontstekingsreacties. Zwelling en stijfheid kunnen hiervan het gevolg zijn.

Totale knie prothese

vooronderzoeken

De vooronderzoeken gebeuren ambulant op een afgesproken datum. U komt hiervoor naar het ziekenhuis op een afgesproken uur, vanwaar men u voor de verschillende onderzoeken zal verwijzen. Dit neemt een tweetal uren in beslag. 

  • Röntgenopname van de knie en full-leg opname van het been (om de assen te berekenen) 
  • Meestal EKG. 
  • Bloedonderzoek. 
  • Soms internistisch nazicht door cardioloog. 
  • Pre-Operatieve Screening (POS) waarbij een verpleegkundige u ondervraagt, onderzoekt en in overleg met de anesthesist verdere voorbereidingen treft. 

 

de ingreep zelf

De eenvoudige totale knieprothese en halve knieprothese 

De ingreep gebeurt onder algemene verdoving en/of epidurale verdoving (ruggenprik). Via een incisie in het midden van de knie worden de oppervlakten van het gewricht en het resterende kraakbeen verwijderd en vervangen door een metalen bedekking (Titanium en Oxinium). Tussen deze twee metalen bedekkingen komt een gegoten stukje polyethyleen. Eventuele as-afwijkingen worden gecorrigeerd. De collaterale gewrichtsbanden worden gespaard. 

De operatiezaal is speciaal uitgerust met gezuiverde laminaire luchtflow en speciale operatiepakken om de kans op infectie tot een minimum te beperken. 

 

Scharnier prothesen 

Soms (bij belangrijke asafwijkingen, botdefecten en revisieoperaties) wordt een ‘constrained’ of ‘hinged’ prothese geplaatst, met een scharnier. 

 

Geindividualiseerd instrumentarium 

Sinds enkele jaren gebruiken wij bij as-afwijkingen soms ‘geïndividualiseerd’ instrumentarium. Aan de hand van röntgenopnamen en MRI-scan wordt een ‘mal’ van de versleten knie gemaakt en hierop het instrumentarium op maat gemaakt na eventuele individuele aanpassingen die de chirurg kan maken op virtuele computerbeelden. Dit gebeurt enkele weken voor de operatie, het materiaal wordt steriel opgestuurd..  

pijn medicatie

Pijnmedicatie

Door de combinatie van locale verdoving (LIA) is een epidurale catheter meestal niet nodig, zodat u de dag van de operatie of de dag erna reeds kan opzitten en beginnen stappen.

Andere medicatie

U krijgt gedurende een 5-tal weken een bloedverdunner ( Fraxiparine of Clexane) onder de vorm van een spuitje in de buik. Tijdens de opname kan men u aanleren de inspuitingen zelf te geven, zodat u dit thuis zelf kan doen.

Er worden steunkousen aangemeten als preventie tegen flebitis. Deze moet u 6 weken dragen.
Wanneer de pijnpomp verwijderd wordt, krijgt u gewone pijnmedicatie in tabletvorm. Deze medicatie kan u zo nodig thuis nog een tijdje verder nemen.

verloop van de opname

Binnen de dienst hechten wij veel belang aan subspecialisatie. De operatie wordt uitgevoerd door een kniechirurg, geholpen door een van de andere orthopedisch chirurgen en assistenten-instrumentisten. Wij hechten tevens veel belang aan samenwerking binnen de dienst orthopedie en met de anesthesisten, kinesisten en verpleegkundigen. Zo zal u ook opgevolgd worden door de collega orthopedisch chirurgen. Tijdens uw opname wordt u elke ochtend rond 8u bezocht door de hoofdverpleegkundige en een van de artsen. Na deze zaalronde gebeurt overleg met de andere betrokkenen. Alle patiënten worden wekelijks besproken op een stafvergadering.

Dag 0

Direct na de ingreep verblijft u nog een tweetal uren in de ontwaakruimte. Vervolgens wordt u terug naar de kamer gebracht. U heeft een pijnpomp die u zelf kan activeren. Beperkt bezoek is mogelijk. Desgewenst kan u al opzitten in de zetel.

Dag 1

De wonde wordt verzorgd en u krijgt een dunner verband. Er wordt bloed genomen. U mag zelf ijszakken op de knie leggen. U mag veel bewegen in bed en al met hulp opkomen om in de zetel te zitten en met de kinesist te stappen. Het is ook belangrijk dat u de knie goed strekt. Er wordt een radiografische opname van de knie genomen. Het infuus wordt verwijderd en u krijgt nu medicatie in tablet vorm.

Dag 2 en 3

Op dag 2 gaat u oefenen in de kinesitherapie zaal. U leert ook trappen lopen. Het is belangrijk om voldoende ijs op de knie te leggen.

Volgende dagen

Meestal kan u de derde of vierde dag naar huis. De oefeningen worden dagelijks verder gezet. De eerste week stapt u met een looprekje of krukken, nadien met 2 en vervolgens 1 kruk in de hand van de niet-geopereerde zijde (dus in de rechter hand wanneer uw linker knie werd geopereerd, en in de linker hand wanneer de rechter knie werd geopereerd). Meestal mag u volledig steunen. Wanneer uw bot zwak is of bij speciale prothesen, zal er soms gevraagd worden om tijdelijk niet volledig te steunen.

Ontslag

Indien u weinig hulp heeft kan het nuttig zijn om enkele weken naar een revalidatiecentrum te gaan of een herstelverlof te plannen. Dit wordt bij voorkeur voordien besproken. Thuis neemt u verder de nodige medicatie (pijnstillers en bloedverdunners tot 5 weken na de operatie) en draagt u steunkousen tot 6 weken na de operatie. U volgt verder kinesitherapie Dit kan in het ziekenhuis of bij uw eigen kinesist. De nodige voorschriften worden bij ontslag meegegeven:

Ontslagbrief voor de huisarts (wordt meestal elektronisch verzonden).

Medicatievoorschrift : pijnmedicatie, bloedverdunner (Fraxiparine of Clexane spuitjes)

Zo nodig voorschrift voor thuisverpleging.

Voorschrift voor kinesitherapie.

Afspraak voor controleraadpleging na zes weken.

Twee weken na de ingreep worden de hechtingen verwijderd. Dit kan bij de huisarts of op de consultatie. Zes weken na de ingreep wordt u op de consultatie verwacht voor controle.

Thuis mag u douchen als er een plastieken verbandje op de wonde is. U wacht best met baden tot een 3-tal weken na de ingreep.

Nadien : Regelmatige röntgencontrole (rx) is belangrijk om eventuele problemen tijdig op te merken. Als u een infectie heeft (tandabces, huidinfectie, urinewegontsteking) is het erg belangrijk dat dit goed behandeld wordt om verspreiding van bacteriën naar de knie te vermijden. Indien u abnormale koorts, zwelling en/of roodheid ervaart, moet u een afspraak maken met uw arts. De knie moet dan onderzocht worden. Zomaar antibiotica starten is niet aangewezen vooraleer een vochtstaal is genomen.

kostprijs

Het grootste deel van de kost wordt terugbetaald door de ziekteverzekering. Er is echter een belangrijk deel dat aan de patiënt of zijn hospitalisatieverzekering aangerekend wordt, het zogenaamde remgeld. Bij knieprothese behelst dit vooral de prothese zelf. Indien u in een eenpersoonskamer wenst te verblijven vragen de artsen bovendien een ereloonsupplement, in zaal en tweepersoonskamer gelden de conventietarieven. Deze zaken worden voordien door uw arts duidelijk besproken en uitgelegd

verwachtingen

Een knie prothese is een routine ingreep met goede langetermijnresultaten. De overgrote meerderheid van geopereerde patiënten kan goed en zonder pijn functioneren. Meestal werkt een prothese echter niet helemaal als een normale knie. Vooral de eerste zes maanden blijft zwelling en gevoeligheid bestaan, ‘zoals een band rond de knie’. Hurken en belastende sporten zijn niet aangewezen. Op de knieën zitten istoegestaan op zachte ondergrond of kussentje maar soms blijvend wat pijnlijk ter hoogte van het litteken. Uit grote internationale studies blijkt dat tachtig procent van de mensen met een knieprothese zeer goed zijn. Twintig procent van de mensen met een knieprothese ervaren een of andere beperking.

complicaties

Complicaties zijn eigen aan elke ingreep die je uitvoert op het menselijke lichaam en kunnen voorkomen in de onmiddellijk postoperatieve periode maar ook na vele jaren. Je vindt hierna de meest frequente en belangrijkste terug:

Infectie

Infectie na een prothese is een zeldzame (minder dan 1%) maar belangrijke complicatie. Een oppervlakkige infectie van de wonde kan behandeld worden met antibiotica en geneest meestal zonder verdere zorgen. Een diepe infectie vergt een strengere aanpak en maakt een nieuwe opname vaak noodzakelijk. In de ergste gevallen moet de prothese opnieuw verwijderd en in een later stadium herplaatst worden. Dit soort infecties kan voorkomen onmiddellijk na de ingreep maar ook in de jaren nadien. Vandaar het belang van bijvoorbeeld u tandarts te verwittigen bij eventuele ingrepen aan de tanden na het plaatsen van een heup of knieprothese.

Verwikkelingen tijdens de ingreep

Sommige verwikkelingen kunnen optreden tijdens het plaatsen van de knie prothese maar zijn zeer zeldzaam. De voornaamste zijn fracturen of breuken (van het dijbeen) en letsels aan de zenuwen of bloedvaten. Ze worden meestal behandeld tijdens de ingreep zelf.

Thromboembolische problemen

Heup en knie prothese patiënten hebben een verhoogd risico op de ontwikkeling van bloedklonters na de ingreep. Dit risico wordt geminimaliseerd door het geven van bloedverdunners, het dragen van steunkousen en het snel mobiliseren van de patiënt.

Meestal spreekt men van een diep veneuze trombose (DVT of flebitis), zelden gaat het om een long embolie.

Verstijving

Vergroeiingen in de knie (door de vorming van littekenweefsel) kunnen ervoor zorgen dat de knie minder goed beweegt ondanks een goede revalidatie onder leiding van een kinesitherapeut. Als de knie na zes weken nog geen 90° kan buigen is het daarom soms nodig ze onder verdoving en via dagopname te plooien.

Periprosthetische fractuur

Dit is een beuk of fractuur die optreedt in een been nabij de prothese. Afhankelijk van het type breuk wordt je chirurgisch (de prothese zit los of de breuk is te uitgebreid) of niet chirurgisch behandeld (minder belangrijke breuken).

Gevoelloosheid rondom het litteken

Kleine zenuwtjes rondom de incisie zorgen vaak voor een zone van gevoelloosheid rondom het litteken.

Loslating van de prothese

Op termijn kan je prothese slijtage tekens beginnen te tonen door het continue gebruik van het gewricht. De slijtpartikels die vrijkomen, zorgen dan voor het loskomen van de prothese uit het been. Dit geeft op zijn beurt pijn als voornaamste klacht. Met de evolutie van het prothese materiaal is deze verwikkeling sterk teruggedrongen en nu treed slijtage vaak pas op na 15 tot 20 jaar.

Zeldzame verwikkelingen

Een ingreep zoals een heup of knieprothese blijft een zware dobber voor je lichaam. Houd er dan ook rekening mee van geen te zware activiteiten te plannen in je revalidatie periode. Reizen met de wagen of het vliegtuig dien je dan ook best met je arts te bespreken voor passend advies.

Contact

Vragen over uw behandeling of een afspraak maken? Aarzel niet om ons te contacteren.

Uw opname

Heeft u vragen over uw opname? Kies het juiste ziekenhuis en lees meer.